Kijk, dit zie ik

Kijk, dit zie ik

Documentairemaakster Swanhilde de Jong benadert in verpleeghuis Blaubörgje in Groningen ouderen met dementie voor het maken van een wandeling en op zoek te gaan naar onderwerpen die de oudere interessant of mooi vindt. Hier wordt een foto van gemaakt en afgedrukt. De foto’s worden tijdens een bijeenkomst met familieleden en medewerkers getoond en de werkwijze wordt besproken. Het project wordt tevens vastgelegd in een publicatie en er wordt een korte documentaire gemaakt. In dit project worden dementerende ouderen op een originele, liefdevolle en effectieve wijze gestimuleerd om actief met hun omgeving bezig te zijn. Met behulp van de korte film die zij maakt is het project overdraagbaar aan andere verpleeghuizen.

Project ‘Kijk, dit zie ik’ door Swanhilde de Jong

Aanvrager Stichting Hanze Hogeschool Groningen

De aanpak

Swanhilde de Jong, kunstenaar en documentairemaakster,  kent de wereld van de zorg van nabij omdat haar zus in een instelling woonde. Ze is gewend om te praten met mensen met minder cognitieve vaardigheden.  De fotowandelingen vinden zowel binnen als buiten plaats. Samen met de deelnemer praat ze over de compositie van de foto. Het afdrukken gebeurt in de huiskamer met behulp van een fotoprintertje. De deelnemer ziet hoe dit gebeurt en kan door het trage tempo het proces goed volgen.

Familie, mantelzorgers en personeel

Met haar aanpak wil ze de mensen zoveel mogelijk de regie geven over hun handelen. Fotografie als artistiek medium is hiervoor zeer geschikt, zo blijkt. Voor de familie, overige mantelzorgers en het personeel is het inspirerend omdat het een manier laat zien waarop je weer iets samen kunt doen: ‘Nu kunnen we het weer ergens over hebben!’.

En voor de bewoners draagt de activiteit bij aan hun eigenwaarde en zelfexpressie. Ze maken mooie foto’s, iets waar ze met recht trots op kunnen zijn.

Het bestuur van DIGNIS

Het bestuur van zorgkoepel DIGNIS waar Blauwbörgje onder valt, vindt het een interessant project. Ze hebben meegewerkt aan het opstellen van het projectplan en aan de evaluatie daarvan, samen met Anke Coumans van het lectoraat Image in context van Academie Minerva.

Overdraagbaar

De wandelingen zijn gefilmd. Met dit materiaal wordt een korte documentaire samengesteld. Zowel de documentaire als het boekje met de beschrijving van de methode en de dertig verhalen en foto’s kunnen door andere belangstellenden worden gebruikt. Hiermee is de overdraagbaarheid van het project gewaarborgd. Haar onderzoek is tevens bedoeld om te kijken of deze toepasbaar is voor andere groepen in de zorg.

Swanhilde over haar ervaringen

‘Er wordt veel over mensen met dementie gesproken, en weinig gaan we met hen in gesprek.

Ik probeer of je kunt achterhalen wat mensen met dementie mooi of interessant vinden aan hun leefomgeving. Daarnaast onderzoek ik op welke manier fotografie hierbij ingezet kan worden. Wat gebeurt er wanneer je via het maken van foto’s in gesprek gaat? En hoe doe je dat? En tenslotte: wat kunnen wij van mensen met dementie leren? Essentieel in de werkwijze is de gelijkwaardigheid in de ontmoeting en de waardigheid van de deelnemers. Het gaat over hoe mensen met dementie zich verhouden tot hetgeen ‘nu’ om hen heen is. In 2016 heb ik dit idee kunnen testen op een paar afdelingen in het verpleeghuis ’t Blauwbörgje in Groningen. De eerste resultaten zijn hoopgevend. Bewoners zijn blij zijn met het product: de foto. Bij het tonen van de foto aan anderen van de afdeling ontstaat er interactie. De andere bewoners herkennen wat er op staat.’

Drie fotobeschrijvingen

1. Bed

Dan gaan we naar zijn kamer. Op mijn vraag wat hij hier mooi vindt, wijst hij naar zijn bed. Die   moet zeker op de foto. Want het slaapt lekker. Ik vraag hoe het op de foto moet: alleen het kussen of het hele bed? Volgens hem is het kussen lekker, maar het bed ook. Dus het hele bed moet erop’.

Foto: Swanhilde de Jong

2. Buiten

De vraag wat ze interessant of mooi vindt, vindt ze lastig te beantwoorden. Ze weet het niet.

Wel zegt ze dat ze graag wandelt. Ze mag graag buiten zijn. We gaan daarom naar de tuin en lopen naar de volière. Maar de vogels boeien haar niet zo. Ernaast staat een bankje. Ze wijst ernaar en zegt dat ze daar graag zit wanneer het mooi weer is. Het is nu te nat, dus we blijven staan. Ze zegt dat ze dan naar de boom kan kijken die er vlak bij staat. Daar wil ze wel een foto van. Ik laat een paar mogelijkheden zien: alleen het bankje, of het bankje met de boom. Ze wil het bankje met de boom erop. Wanneer de foto’s zijn uitgeprint kijkt hij tevreden naar de resultaten. De andere bewoners zijn het met hem eens: het is een mooie foto van het bed.

Foto: Swanhilde de Jong

3. Portretfoto

‘Op de gang hangen een paar grote afbeeldingen van vogels. Zijn commentaar is: ‘De kleuren zijn te veel’. Hij wil er daarom geen foto van. We gaan terug naar zijn kamer en ik vraag hem of ik een foto van hem mag maken. Dat mag. Ik maak er verschillende en vraag hem naar zijn mening. Eerst is hij aarzelend. Bij een andere foto zegt hij: ‘Deze is beter.’ Ik vraag hem waarom. ‘Ik weet het nu niet.’ Dan zegt hij: ‘Deze is de beste.’

We gaan naar de woonkamer. Ik pak de fotoprinter en zeg dat hij kan zien hoe ik het afdruk. ‘Kijk eens, deze vond u mooi.’ De foto wordt geprint. Hij kijkt belangstellend en vindt het een interessant proces. Ik scheur de randjes eraf en geef de foto aan hem. ‘Alstublieft. Hoe vindt u hem?’ Hij vindt dat hij er wat bezorgd uitziet. Ik antwoord dat we nog een andere ook kunnen afdrukken. Dat gebeurt en dan vindt hij het genoeg. Bij een volgend bezoek zie ik dat hij de foto’s netjes uitgestald heeft op kastje van zijn kamer’.

Vanwege de privacy van de bewoners wordt de portretfoto’s niet getoond.